“Of eet je vegetarisch?”

Het is zover.  Ik ben (en noem mezelf) nu vegetariër. Vegetarisch gaan eten was voor mij geen beslissing die ik van de ene op de andere dag heb genomen. Het was een heel proces.

Lang geleden heb ik er wel eens over nagdacht of ik zou stoppen met het eten van vlees. Ik heb toen besloten het niet te doen, omdat ik het toch niet zielig genoeg vond voor de dieren en omdat ik dacht dat het allemaal teveel gedoe zou zijn.

Nadat ik, iets meer dan een jaar geleden, actief werd bij GroenLinks ben ik er nog eens over gaan nadenken. Ik was nooit een enorme vleeseter, en at het al 1-2 dagen per week niet. Gewoon omdat dit in sommige recepten niet nodig is. De milieuaspecten was ik niet mee bezig, maar daar ben ik me toen langzaam van bewust geworden. Dat was de druppel. Vlees eten was niet meer echt fijn.

Ik heb toen ongeveer een jaar lang bij het koken geen vlees door het eten gedaan, en het ook niet op brood gegeten. Vis at ik nog wel, en buitenshuis at ik een enkele keer nog vlees. Dat beviel uitstekend, en het ging eigenlijk vanzelf. Op vis is echter ook wel wat aan te merken, en op een gegeven moment heb ik besloten dat ook maar te laten staan.

De laatste maanden was ik een soort undercover-vegetariër. Ook voor mezelf. Gewoon om mee te doen eet je dan wel vlees bij een barbeque. Ook met het idee: een enkele keer vlees eten sloopt niet gelijk de planeet, en het is leuk, gezellig en lekker. Daarvan merkte ik echter dat ik het toch niet fijn vond. Mijn geweten kon het niet aan.

Vorige week, op een barbeque bij m’n overburen,  moest ik weer kiezen. Die keus werd me overigens wel makkelijk gemaakt, met “of eet je vegetarisch?”. Na mijn “liefst wel” antwoord ben ik  nog even naar de supermarkt gelopen voor wat extra vleesvervangers. Ik kon ze zo bij de spullen van de twee andere vegetariërs leggen.

Het vegetarisch barbequen beviel me uitstekend. “Nep” vlees eet ik niet veel, maar de vegetarische worstjes van de barbeque smaken prima, en zelfs de groenteschijf lukte goed, werd extra lekker met een beetje rooksmaak. Is een echt worstje of een echte hamburger net iets lekkerder? Ja, maar zo is het nu eenmaal.

Ik wil graag alle vegetariërs bedanken die de weg hebben bereid. Zonder de ervaringen van thuis al regelmatig vegetarisch eten vanwege m’n zusje, en zonder het fijne aanbod van vleesvervangers in de supermarkt, was de uitdaging een stuk groter geweest. Vegetarisch eten is intussen zo mainstream dat niemand er meer van opkijkt. Ja misschien als je het wordt, maar dat gaat weer snel over.

Wil je zelf iets doen maar is vegetariër worden een brug te ver? Eet dan minder rundvlees! De methaanuitstoot van koeien is significant. Een interessante film om te kijken is Cowspiracy. Die film haalt wel alles uit de kast om je te overtuigen, maar het punt is duidelijk.

P.S. De volgende stap is natuurlijk veganistisch eten. Kaas is ongeveer even slecht voor het klimaat als kip, en op het houden van dieren is vaak wel wat aan te merken. De stap naar veganist wacht ik echter nog even mee. Eerst even vegetarisch zijn. Misschien zien jullie volgend jaar een nieuwe blogpost verschijnen.

Amendement: sluit de deur niet voor genetische modificatie

Op de amendementenavond van GroenLinks Leiden hebben we samen nagedacht over wat er beter zou kunnen aan het verkiezingsprogramma. Hieruit zijn een aantal mooie amendementen gekomen, maar op een zou ik nog graag extra toelichting geven. Het gaat om het volgende amendement:

Blz 47 punt 6.13: “In Nederland wordt gestreefd naar landbouw die vrij is van transgenetische manipulatie. Cisgenese wordt onder strikte voorwaarden toegestaan.” vervangen door “Genetische modificatie, mits zorgvuldig gebruikt en voldoende gereguleerd, kan een goede manier zijn om de landbouw duurzamer te maken.”

Waarom deze aanpassing? Wat wordt er precies bedoeld met transgenetische manipulatie en cisgenese? Ik zal proberen bondig een overzicht te geven.

Transgenetische manipulatie is het overzetten van genen van de ene naar de andere soort. Deze genen kunnen bijvoorbeeld resistentie tegen een ziekte opleveren, of de voedingswaarde van een gewas verhogen. Het woord “trans” betekent in dit geval dat het genen zijn die niet via conventionele veredeling overgezet zouden kunnen worden. Graan en aardappels kun je niet kruisen, maar je zou wel een gen kunnen overzetten via transgenetische modificatie.

Een belangrijk punt om mee te nemen voor transgenetische modificatie is dat dit ook wel omschreven wordt als “horizontale” overdracht. Dit gebeurt bij bacteriën en andere “simpele” organismes aan de lopende band. Bij planten en dieren is dit niet zodanig het geval, maar er zijn aanwijzingen dat dit in de natuur wel sporadisch gebeurt. Het is dus niet per definitie “tegennatuurlijk”. Overigens is dit wel een argument om voorzichtig om te gaan met de genen die we overzetten, het mag geen catastrofale gevolgen hebben als dit gen ook in een andere soort terecht komt. Bij het voorbeeld van resistentie tegen een plantenziekte is de impact waarschijnlijk beperkt.

Bij cisgenese (dus cisgenetische manipulatie) zet je genen over binnen één soort. Je hebt twee soorten graan, en je zet het resisitentiegen over. Dit zou ook via conventionele veredeling kunnen, maar dat zou een stuk langer duren en de resultaten zijn misschien minder goed, omdat je ook ongewenste eigenschappen overzet. Het is minder avontuurlijk, en dus mogelijk veiliger dan transgenetische modificatie.

Naast alle gevolgen voor natuur en milieu is het natuurlijk ook belangrijk om na te denken over mogelijke gezondheidsrisico’s. Volgens mij zijn die goed te overzien en zeer beperkt. Op het moment dat we een plant een nieuwe stof laten aanmaken, die we normaal nooit eten, moeten we onderzoeken hoe schadelijk deze stof is voor mensen. Als niet overduidelijk is aangetoond dat deze onschadelijk is dan moeten we zorgen dat de stof niet in het gedeelte van de plant terecht komt wat we opeten. Voor aardappels mag de stof dus best in de bladeren zitten, maar niet in de aardappels zelf.

Overigens benadrukken we in het amendement ook dat het doel van de genetische modificatie is om de duurzaamheid te verhogen. Een leuk kleurtje o.i.d valt hier dus nadrukkelijk niet onder.

Over het geheel gezien vind ik het zonde om genetische modificatie zonder meer te verbieden. Strenge regels en strak toezicht moeten het mogelijk maken, ook om hier verder ervaring mee op te doen. Natuurlijk moeten we wel in de gaten blijven houden wat de gevolgen zijn voor de natuur. In ieder geval moeten we voorkomen dat er juist door genetische modificatie meer bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, maar dat spreekt voor zich. Overigens zijn er behoorlijk veel gewassen die intussen in genetisch gemodificeerde vorm verbouwd worden. In 2010 was al 10% van de landbouwgrond in de hele wereld beplant met genetisch gemodificeerde planten.

Ik hoop dat jullie allemaal dit amendement willen mede-indienen.

~ Gerard

P.S. Enkele voorbeelden van positieve transgenetische modificatie:

  1. “Bt planten”, die tussen 1996 en 2005 een 16% reductie in het gebruik van insecticide in de VS hebben opgeleverd.
  2. Mais die beter tegen droogte kan (ja, van Monsanto)
  3. Medicijnproductie met bacteriën
  4. Gouden rijst, wat als doel heeft het vitamine A tekort onder kinderen te verhelpen.

Op Wikipedia en elders op internet zijn nog veel meer voorbeelden te vinden.